Het pad naar Gods troon – deel 10

Deel 10 – Het hemelse heiligdom: waar is Jezus nu?

Sleuteltekst

“Wij hebben zo’n Hogepriester. Hij zit in de hemel aan de rechterkant van de troon van God. Hij dient in het echte heiligdom, in de echte tent die door de Heer is neergezet en niet door mensen.” (Hebreeën 8:1-2)

Waar is Jezus nu?

Voor veel christenen lijkt het antwoord eenvoudig: in de hemel.

Dat is natuurlijk waar.

Maar wat doet Hij daar?

Zit Jezus alleen aan de rechterhand van de Vader te wachten tot het moment waarop Hij terugkomt?

Of vertelt de Bijbel ons meer?

Het antwoord is verrassend duidelijk.

Jezus is onze Hogepriester.

En Hij dient in een hemels heiligdom.

Dat betekent dat het heiligdom waar we tot nu toe naar hebben gekeken veel meer was dan een oud religieus gebouw uit de tijd van Mozes.

Het aardse heiligdom wees naar een hemelse werkelijkheid.

En Jezus bevindt Zich in het centrum daarvan.

Het aardse heiligdom was een afbeelding

God zei tegen Mozes dat hij de tabernakel precies moest maken volgens het voorbeeld dat Hij hem liet zien.

“Zorg ervoor dat je alles maakt volgens het voorbeeld dat Ik je op de berg heb laten zien.” (Exodus 25:40)

In Hebreeën wordt uitgelegd waarom dat zo belangrijk was: “Wat zij doen, is maar een afbeelding en een schaduw van de hemelse dingen.” (Hebreeën 8:5)

Een afbeelding.

Een schaduw.

Dat betekent dat het aardse heiligdom niet de uiteindelijke werkelijkheid was.

Het wees ergens naartoe.

Een schaduw bestaat alleen omdat er iets werkelijks is dat die schaduw veroorzaakt.

Zo wees het aardse heiligdom vooruit naar een werkelijk hemels heiligdom.

Een echt heiligdom in de hemel

Hebreeën gebruikt opvallend duidelijke woorden.

Jezus dient “in het echte heiligdom, in de echte tent die door de Heer is neergezet en niet door mensen.” (Hebreeën 8:2)

Niet door mensen.

Door God.

Later lezen we: “Christus is niet binnengegaan in een heiligdom dat door mensen is gemaakt en dat alleen maar een afbeelding is van het echte heiligdom. Hij is de hemel zelf binnengegaan. Daar staat Hij nu voor ons voor God.” (Hebreeën 9:24)

Het aardse heiligdom was dus een kopie.

Het hemelse is de werkelijkheid.

Dat betekent niet dat we ons het hemelse heiligdom moeten voorstellen als een enorme tent van dierenhuiden ergens tussen de sterren.

De Bijbel gebruikt aardse beelden om hemelse werkelijkheden begrijpelijk te maken.

Maar de werkelijkheid waarnaar die beelden verwijzen, is echt.

De hemel is niet zomaar een onduidelijke geestelijke plek

Soms praten mensen over de hemel alsof het vooral een vaag geestelijk bestaan is.

Maar de Bijbel spreekt opvallend concreet.

Er is een troon.

Er zijn engelen.

Er zijn hemelse boeken.

Er is aanbidding.

Er is een hemels heiligdom.

En er is een levende Hogepriester.

Johannes schrijft in Openbaring: “Toen ging Gods tempel in de hemel open. In de tempel was de kist van zijn verbond te zien.” (Openbaring 11:19)

De ark van het verbond, die in het aardse heiligdom centraal stond, verschijnt hier opnieuw in de hemelse tempel.

Dat is geen toevallige overeenkomst.

Het aardse systeem was vanaf het begin bedoeld om ons iets over die hemelse werkelijkheid te leren.

Jezus ging na Zijn opstanding naar de hemel

Na Zijn dood stond Jezus op.

Veertig dagen later ging Hij naar de hemel.

De leerlingen zagen Hem omhooggaan.

“Terwijl ze naar Hem keken, werd Hij omhooggeheven. Een wolk nam Hem mee, zodat ze Hem niet meer konden zien.” (Handelingen 1:9)

Dat was geen afscheid zonder vervolg.

Jezus ging ergens naartoe met een doel.

Hij had vóór Zijn dood al gezegd: “Ik ga weg om een plaats voor jullie klaar te maken.” (Johannes 14:2)

En Hebreeën vult dat beeld verder aan.

Hij ging naar de hemel als onze Hogepriester.

Het offer was voltooid, maar Zijn bediening ging verder

Hier moeten we opnieuw onderscheid maken tussen twee dingen.

Aan het kruis zei Jezus: “Het is volbracht!” (Johannes 19:30)

Zijn offer was volmaakt.

Er hoeft niets aan toegevoegd te worden.

Geen nieuw offer.

Geen nieuwe betaling.

Geen menselijke prestatie.

Maar het volbrachte offer betekende niet dat Jezus’ hele werk voor de mens daarna ophield.

Denk terug aan het aardse heiligdom.

Het offerdier werd geslacht bij het altaar.

Maar de dienst stopte daar niet.

De priester nam het bloed en ging verder met de heiligdomsdienst.

Het offer en de priesterlijke bediening hoorden bij elkaar.

In Jezus komen die twee samen.

Hij is het Offer én de Hogepriester.

Jezus ging niet met het bloed van dieren

Hebreeën zegt: “Christus ging niet met het bloed van bokken en jonge stieren het heiligdom binnen. Hij ging met zijn eigen bloed eens en voor altijd het heiligdom binnen. Zo heeft Hij ons voor eeuwig bevrijd.” (Hebreeën 9:12)

Dat betekent niet dat Jezus letterlijk met een schaal bloed door de hemel liep.

Het gaat om de waarde van Zijn eigen offer.

Hij verschijnt voor God op grond van wat Hij Zelf heeft gedaan.

Zijn offer is de basis van Zijn priesterdienst.

Dat is belangrijk.

Onze Hogepriester heeft geen offer van een ander nodig.

Hij bracht Zichzelf.

Waarom is Zijn werk in de hemel nog nodig?

Misschien denk je nu: als Jezus’ offer volmaakt was, waarom is er dan nog priesterdienst nodig?

Omdat redding niet alleen betekent dat de prijs van de zonde betaald is.

Die verlossing moet ook worden toegepast op mensen die tot Christus komen.

Jezus vertegenwoordigt ons.

Hij pleit voor ons.

Hij schenkt vergeving.

Hij schenkt genade.

Hij brengt ons dichter bij de Vader.

Paulus schrijft: “Door Hem hebben wij toegang tot de Vader.” (Efeziërs 2:18)

Het doel van het verlossingsplan is niet alleen dat er ergens een betaling heeft plaatsgevonden.

Het doel is dat verloren mensen werkelijk terugkomen bij God.

Jezus staat voor God voor ons

Hebreeën zegt: “Daar staat Hij nu voor ons voor God.” (Hebreeën 9:24)

Die woorden mogen we niet te snel lezen.

Voor ons.

Jezus staat daar niet alleen als Koning van het universum.

Hij staat daar als onze Vertegenwoordiger.

Onze Middelaar.

Onze Hogepriester.

Dat betekent dat jouw naam, jouw leven, jouw zonden, jouw gebeden en jouw strijd niet onbelangrijk zijn in de hemel.

Jezus vertegenwoordigt degenen die tot Hem komen.

Zijn gerechtigheid in plaats van onze eigen gerechtigheid

Wij hebben zelf niets waarmee we voor God kunnen verschijnen en zeggen: kijk hoe goed ik ben.

Paulus schreef dat hij zijn eigen gerechtigheid niet wilde hebben, maar de gerechtigheid die door geloof in Christus komt.

“Ik wil niet zelf proberen rechtvaardig te zijn door me aan de wet te houden. Ik wil rechtvaardig zijn door geloof in Christus.” (Filippenzen 3:9)

Dat is ook het werk van onze Hogepriester.

Onze hoop ligt niet in onze eigen staat van dienst.

Onze hoop ligt in Jezus.

Wanneer wij in Hem geloven, staan wij niet voor God op grond van onze prestaties.

Wij staan daar in Christus.

De troon is een troon van genade

Dat brengt ons terug bij een van de mooiste teksten uit Hebreeën.

“Laten we dus vol vertrouwen naar de troon van Gods genade gaan. Want daar zullen we Gods medelijden en genade ontvangen. En daar zullen we hulp krijgen op het moment dat we die nodig hebben.” (Hebreeën 4:16)

Let op wat hier wordt gecombineerd.

Een troon.

Dat spreekt over gezag.

Heiligheid.

Koningschap.

Maar het wordt genoemd: de troon van genade.

Waarom mogen wij daar vol vertrouwen komen?

Omdat Jezus onze Hogepriester is.

Jezus is zowel Koning als Priester

In het Oude Testament waren koning en priester meestal twee afzonderlijke functies.

Maar over de Messias wordt iets bijzonders gezegd.

Zacharia schrijft over de komende Spruit: “Hij zal de tempel van de Heer bouwen. Hij zal koninklijke eer ontvangen. Hij zal op zijn troon zitten en regeren. Hij zal ook Priester zijn op zijn troon.” (Zacharia 6:13)

Priester op Zijn troon.

Dat past prachtig bij Jezus.

Hij is niet alleen de Priester die voor ons pleit.

Hij is ook de Koning.

Zijn priesterschap is niet zwak.

Zijn koningschap is niet hard.

In Hem komen macht en genade samen.

Het hemelse heiligdom staat centraal in Hebreeën

Wanneer je het boek Hebreeën leest met het heiligdom in gedachten, vallen ineens heel veel dingen op hun plaats.

Hebreeën spreekt over een Hogepriester.

Over een heiligdom.

Over bloed.

Over een verbond.

Over een voorhangsel.

Over reiniging.

Over een troon.

Over een betere bediening.

Over een beter offer.

Over een betere hoop.

Al die woorden komen rechtstreeks uit de wereld van het heiligdom.

Maar Hebreeën zegt steeds opnieuw: wat vroeger symbolisch was, is in Christus werkelijkheid geworden.

Beter dan het aardse systeem

De aardse priesters moesten steeds opnieuw offers brengen.

Jezus bracht één volmaakt offer.

De aardse priesters stierven.

Jezus leeft eeuwig.

Het aardse heiligdom was door mensen gebouwd.

Het hemelse heiligdom is Gods werk.

Het bloed van dieren kon geen zonde werkelijk wegnemen.

Christus’ offer kan werkelijk redden.

Daarom noemt Hebreeën Jezus de Middelaar van een beter verbond.

Een hemelse Hogepriester die dichtbij is

Het woord hemels kan het gevoel geven dat Jezus heel ver weg is.

Maar Hebreeën doet juist het tegenovergestelde.

Omdat Jezus in de hemel onze Hogepriester is, kunnen wij dichterbij komen.

“Laten we naar God toe gaan met een oprecht hart en met een vast geloof.” (Hebreeën 10:22)

Zijn lichamelijke aanwezigheid is niet meer op aarde zoals tijdens Zijn leven in Galilea.

Maar Zijn bediening voor ons is niet minder persoonlijk.

Hij kent ons.

Hij hoort ons.

Hij vertegenwoordigt ons.

Jezus kent onze gebeden

In het aardse heiligdom steeg het reukwerk omhoog als beeld van gebed.

In Openbaring zien we dat beeld opnieuw.

“De rook van de wierook steeg samen met de gebeden van Gods mensen op naar God.” (Openbaring 8:4)

Dat betekent dat gebed niet ergens in het niets verdwijnt.

Wanneer jij bidt, bereik je werkelijk de hemel.

Misschien voel je niets.

Misschien lijkt God stil.

Misschien zijn je woorden gebroken.

Maar jouw gebed komt voor Gods troon.

En daar is Jezus.

Jezus is niet onze tegenstander in het oordeel

Later in deze serie zullen we uitgebreid kijken naar oordeel en de Grote Verzoendag.

Maar we moeten nu al iets belangrijks begrijpen.

Degene die voor ons staat in het hemelse heiligdom is dezelfde Jezus die Zijn leven voor ons gaf.

Dat verandert de manier waarop we over het oordeel denken.

Johannes schrijft: “Als iemand zondigt, hebben we Iemand die voor ons pleit bij de Vader: Jezus Christus, die volmaakt rechtvaardig is.” (1 Johannes 2:1)

Onze Hogepriester is niet iemand die tegen ons is.

Hij is Degene die Zijn leven voor ons gaf.

Het hemelse heiligdom laat zien dat het kruis nog steeds betekenis heeft

Jezus hoeft niet opnieuw te sterven.

Maar het offer dat Hij bracht heeft eeuwige betekenis.

Openbaring beschrijft Hem als “een Lam dat eruitzag alsof het geslacht was.” (Openbaring 5:6)

Hij leeft.

Maar Zijn overwinning is voor altijd verbonden met Zijn zelfopofferende liefde.

Het kruis is geen gebeurtenis die de hemel achter zich heeft gelaten.

Het karakter dat aan het kruis zichtbaar werd, staat in het centrum van Gods troon.

Een open deur in de hemel

Openbaring bevat een prachtig beeld.

Johannes zegt: “Daarna zag ik in de hemel een deur openstaan.” (Openbaring 4:1)

Een open deur.

We begonnen onze tocht bij de poort van het aardse heiligdom.

En nu zien we een open deur in de hemel.

Dat past bij de hele beweging van het verlossingsplan.

God sluit ons niet buiten.

Hij opent de weg.

Door Jezus.

Het voorhangsel houdt ons niet meer tegen

Bij Jezus’ dood scheurde het voorhangsel in de tempel.

Hebreeën zegt dat wij daardoor een nieuwe en levende weg hebben.

“Dankzij het bloed van Jezus kunnen we nu zonder angst het heiligdom binnengaan. Jezus heeft voor ons een nieuwe, levende weg geopend door het gordijn heen.” (Hebreeën 10:19-20)

Dat betekent niet dat Gods heiligheid verdwenen is.

God blijft heilig.

Maar door Christus mogen wij naderen.

De scheiding die de zonde veroorzaakte, wordt door Jezus overwonnen.

Waarom kennen zoveel christenen dit nauwelijks?

Veel christenen kunnen uitgebreid vertellen over de geboorte van Jezus.

Over Zijn wonderen.

Over Golgotha.

Over Zijn opstanding.

En terecht.

Maar over Zijn huidige werk als Hogepriester wordt vaak veel minder gesproken.

Toch besteedt het Nieuwe Testament er uitgebreid aandacht aan.

Dat is jammer.

Want wanneer we alleen naar het kruis kijken en niet begrijpen wat Jezus daarna doet, missen we een belangrijk deel van het verlossingsplan.

Het kruis vertelt ons: Jezus stierf voor mij.

Het hemelse heiligdom vertelt ons: Jezus leeft voor mij.

Beide horen bij elkaar.

Een levende Redder

Christendom gaat daarom niet alleen over een historische Persoon die tweeduizend jaar geleden stierf.

Jezus leeft.

Paulus schrijft: “Christus Jezus is gestorven en weer levend geworden. Hij zit aan de rechterkant van God en pleit daar voor ons.” (Romeinen 8:34)

Dat betekent dat ons geloof gericht is op een levende Redder.

Een levende Hogepriester.

Een levende Koning.

Hij kan volledig redden

Hebreeën verbindt Jezus’ eeuwige leven rechtstreeks met onze zekerheid.

“Daarom kan Hij iedereen die door Hem naar God komt volledig redden. Want Hij leeft voor altijd om voor hen te pleiten.” (Hebreeën 7:25)

Volledig redden.

Dat betekent dat Christus niet halverwege stopt.

Hij brengt het verlossingsplan tot zijn doel.

Hij vergeeft.

Hij reinigt.

Hij verandert.

Hij vertegenwoordigt.

Hij leidt.

En uiteindelijk brengt Hij Zijn volk thuis.

Het hemelse heiligdom is goed nieuws

Sommige mensen horen woorden als hemels heiligdom, Hogepriester, oordeel en Grote Verzoendag en denken onmiddellijk aan iets ingewikkelds of dreigends.

Maar we moeten het fundament nooit vergeten.

Het heiligdom begint en eindigt met Gods verlangen om bij mensen te wonen.

Het hemelse heiligdom is daarom geen plaats waar God probeert redenen te vinden om mensen buiten te houden.

Het is de plaats waar Christus Zijn verlossingswerk voor Zijn volk voortzet.

Dat is goed nieuws.

Jezus is daar voor jou

Misschien is dat het belangrijkste dat je uit deze studie moet meenemen.

Niet alleen: er bestaat een hemels heiligdom.

Niet alleen: Jezus is Hogepriester.

Maar: Hij is daar voor jou.

Hebreeën 9:24 zegt het letterlijk: “Daar staat Hij nu voor ons voor God.”

Voor ons.

Voor jou.

Wanneer je bidt.

Wanneer je faalt.

Wanneer je vergeving nodig hebt.

Wanneer je wijsheid zoekt.

Wanneer je bang bent.

Wanneer je niet weet hoe je verder moet.

Jezus leeft.

En Hij is jouw Hogepriester.

Van de aarde naar de hemel

We hebben tot nu toe vooral naar het aardse heiligdom gekeken.

Maar vanaf dit punt wordt onze blik steeds meer omhoog gericht.

Het aardse heiligdom helpt ons begrijpen wat Jezus doet.

De kandelaar.

De toonbroden.

Het reukofferaltaar.

De priesterlijke dienst.

Straks zullen we ieder onderdeel verder onderzoeken.

En steeds opnieuw zullen we ontdekken dat het centrum niet een gebouw of een voorwerp is.

Het centrum is Christus.

Waar is Jezus nu?

We begonnen met die vraag.

Nu kunnen we uitgebreider antwoorden.

Jezus is in de hemel.

Hij leeft.

Hij is aan de rechterhand van de Vader.

Hij is onze Hogepriester.

Hij dient in het hemelse heiligdom.

Hij vertegenwoordigt ons.

Hij pleit voor ons.

Hij schenkt genade.

Hij helpt ons.

Hij leidt het verlossingsplan naar zijn voltooiing.

En Hij heeft beloofd terug te komen.

“Ik kom terug. Dan zal Ik jullie meenemen naar Mij toe, zodat jullie zijn waar Ik ben.” (Johannes 14:3)

Dat is waar Zijn werk uiteindelijk naartoe leidt.

Niet alleen dat Jezus in de hemel is.

Maar dat wij uiteindelijk bij Hem zullen zijn.

Om over na te denken

  • Wist je vóór deze studie dat de Bijbel zo duidelijk spreekt over een hemels heiligdom?
  • Wat betekent het verschil tussen het aardse heiligdom als schaduw en het hemelse heiligdom als werkelijkheid?
  • Waarom is het belangrijk om onderscheid te maken tussen Jezus’ volbrachte offer en Zijn voortdurende werk als Hogepriester?
  • Wat doet Hebreeën 9:24 met je wanneer je de woorden “voor ons” heel persoonlijk leest?
  • Verandert het jouw gebedsleven wanneer je beseft dat Jezus leeft en jou voor Gods troon vertegenwoordigt?
  • Waarom denk je dat het huidige werk van Jezus onder christenen vaak veel minder aandacht krijgt dan Zijn geboorte en kruisiging?
  • Geeft het idee van een hemels heiligdom je eerder angst of juist zekerheid nu je weet dat Jezus daar jouw Hogepriester is?

Gebed

Vader in de hemel, dank U dat Jezus niet alleen voor mij gestorven is, maar ook voor mij leeft.
Dank U dat Hij mijn Hogepriester is in het hemelse heiligdom.
Dank U dat Hij mij vertegenwoordigt en voor mij pleit.
Help mij te begrijpen wat Zijn werk in de hemel betekent.
Leer mij niet op mijn eigen gerechtigheid te vertrouwen, maar volledig op Hem.
Dank U dat Uw troon door Jezus voor mij een troon van genade is.
Geef mij vertrouwen om met alles wat mij bezighoudt tot U te komen.
En laat mij steeds beter begrijpen hoe het aardse heiligdom mij helpt om het werk van Jezus in de hemel te zien.
Amen.

ONTHOUD DIT: Het aardse heiligdom was een afbeelding van een hemelse werkelijkheid. Jezus’ offer aan het kruis is volledig en hoeft nooit herhaald te worden, maar Zijn werk voor ons ging na Zijn hemelvaart verder. Hij leeft nu als onze Hogepriester in het hemelse heiligdom en verschijnt daar voor God voor ons.

Volgende deel: Deel 11 – De tafel met de toonbroden: leven van Gods Woord