
Deel 1 – Het heiligdom: Gods liefdesverhaal
Sleuteltekst
“Ze moeten voor Mij een heiligdom maken. Dan zal Ik bij hen wonen.” (Exodus 25:8)
Als je voor het eerst naar het heiligdom kijkt, kun je gemakkelijk denken dat het vooral gaat over een oude tent in de woestijn. Over priesters, offers, bloed, gouden voorwerpen, gordijnen en ingewikkelde voorschriften uit het Oude Testament.
Maar dan mis je het mooiste.
Het heiligdom is in de eerste plaats een verhaal over liefde.
Het vertelt het verhaal van een God die Zijn mensen niet wilde verliezen. Een God die na de zondeval niet op afstand bleef staan, maar Zelf een weg maakte waardoor mensen weer bij Hem konden komen.
En uiteindelijk vertelt ieder onderdeel van het heiligdom iets over Jezus en over wat Hij heeft gedaan — en nog steeds doet — om de mens terug te brengen bij God.
Het begon niet in de woestijn
Om het heiligdom te begrijpen, moeten we eigenlijk terug naar het begin.
Toen God Adam en Eva schiep, was er geen heiligdom nodig. Er was geen priester. Geen offerdier. Geen altaar. Geen voorhangsel.
Waarom niet?
Omdat er niets tussen God en de mens in stond.
Adam en Eva leefden in Gods aanwezigheid. De Bijbel vertelt dat God in de hof wandelde. Er was gemeenschap tussen de Schepper en Zijn schepselen.
Maar door de zonde veranderde alles.
“Jullie misdaden hebben een scheiding gemaakt tussen jullie en jullie God.” (Jesaja 59:2)
Dat is misschien wel de grootste tragedie van de zonde: niet alleen dat mensen sterven, lijden en elkaar pijn doen, maar dat de zonde scheiding brengt tussen God en de mens.
Adam en Eva moesten Eden verlaten.
En vanaf dat moment loopt er één grote vraag door de Bijbel:
Hoe kan de mens ooit weer terugkomen in Gods aanwezigheid?
Het antwoord op die vraag vinden we uitgebeeld in het heiligdom.
God kwam naar de mens toe
Eeuwen later bevond Israël zich in de woestijn. God had het volk uit Egypte bevrijd en bij de berg Sinaï een verbond met hen gesloten.
En toen zei God iets opmerkelijks: “Ze moeten voor Mij een heiligdom maken. Dan zal Ik bij hen wonen.” (Exodus 25:8)
Let goed op wat God hier zegt.
Hij zegt niet alleen: “Bouw een plaats waar jullie Mij kunnen aanbidden.”
Hij zegt: Ik wil bij jullie wonen.
Dat is het hart van het heiligdom.
De heilige God wilde wonen te midden van mensen die zondig waren.
Maar hoe kon dat?
Hoe kan een heilige God dichtbij zondige mensen komen zonder Zijn rechtvaardigheid op te geven? En hoe kunnen zondige mensen tot een heilige God naderen zonder te sterven?
Daarvoor gaf God het heiligdom.
Een weg terug naar God
God liet Mozes niet zomaar een mooie tent ontwerpen.
Hij gaf nauwkeurige instructies.
“Je moet alles precies maken zoals Ik het je op de berg heb laten zien.” (Hebreeën 8:5)
Waarom was dat zo belangrijk?
Omdat het aardse heiligdom iets veel groters moest laten zien.
Het was een afbeelding, een zichtbaar lesboek van Gods verlossingsplan.
Stel je voor dat je als Israëliet naar het heiligdom liep.
Je kwam niet meteen bij de ark van het verbond terecht.
Eerst kwam je bij het brandofferaltaar.
Daar vloeide bloed.
Daar stierf een onschuldig dier in de plaats van de schuldige.
Daarna stond het koperen wasvat, waar reiniging plaatsvond.
Vervolgens kwam je in het heilige, waar de gouden kandelaar, de tafel met de toonbroden en het reukofferaltaar stonden.
En pas helemaal achteraan, achter het tweede voorhangsel, bevond zich het allerheiligste.
Daar stond de ark van het verbond.
Daar bevond zich symbolisch de troon van God.
Zie je wat God daarmee liet zien?
Er loopt een weg:
van zonde naar vergeving,
van vergeving naar reiniging,
van reiniging naar gemeenschap met God,
en uiteindelijk naar Gods troon.
Dat is de weg die we in deze serie stap voor stap gaan volgen.
Alles wijst naar Jezus
Het heiligdom zou weinig betekenis hebben als we Jezus eruit zouden halen.
Jezus is namelijk overal.
Hij is het Lam dat geofferd wordt.
Johannes de Doper zag Jezus komen en zei: “Kijk, daar is het Lam van God! Hij neemt de zonde van de wereld weg!” (Johannes 1:29)
Hij is het Brood: “Ik ben het Brood dat leven geeft.” (Johannes 6:35)
Hij is het Licht: “Ik ben het Licht voor de wereld.” (Johannes 8:12)
Hij is onze Hogepriester: “Wij hebben een geweldige Hogepriester, Jezus, de Zoon van God.” (Hebreeën 4:14)
Hij is Degene die voor ons pleit bij de Vader.
En uiteindelijk is Hij ook de Weg waardoor wij weer in Gods aanwezigheid kunnen komen:
“IK BEN de Weg, de Waarheid en het Leven. Alleen door Mij kun je bij de Vader komen.” (Johannes 14:6)
Het heiligdom is daarom geen verzameling vreemde Joodse rituelen.
Het is het evangelie zichtbaar gemaakt.
Het kruis stond al in het heiligdom afgebeeld
Lang voordat Jezus in Bethlehem werd geboren, vertelde God door middel van het heiligdom al wat er zou gebeuren.
Een onschuldig slachtoffer zou sterven voor de schuldige.
Bloed zou worden vergoten.
Er zou verzoening plaatsvinden.
Een priester zou voor de zondaar bemiddelen.
En er zou een weg worden geopend naar Gods aanwezigheid.
Toen Jezus aan het kruis stierf, was dat dus geen noodoplossing omdat Gods oorspronkelijke plan mislukt was.
Het kruis maakte vanaf het begin deel uit van het verlossingsplan.
Petrus schrijft over Jezus: “Al vóórdat de wereld werd gemaakt, had God besloten dat Christus voor ons zou sterven.” (1 Petrus 1:20)
Denk daar eens over na.
Voordat jij bestond.
Voordat deze wereld bestond.
Voordat er ooit één mens had gezondigd.
wist God wat onze redding Hem zou kosten.
En toch schiep Hij ons.
Dat zegt iets ongelooflijks over Zijn liefde.
Een God die Zelf de prijs betaalt
Soms wordt het Oude Testament zo gelezen alsof God boos is en bloed eist voordat Hij bereid is mensen te vergeven.
Maar het evangelie vertelt iets heel anders.
Wie gaf het offer?
God Zelf.
“Want God hield zoveel van de mensen, dat Hij zijn enige Zoon aan hen gaf.” (Johannes 3:16)
De Vader stond niet tegenover Jezus.
God was in Christus bezig de wereld met Zichzelf te verzoenen.
“God heeft door Christus de wereld weer met Zichzelf verzoend.” (2 Korintiërs 5:19)
Dat verandert de manier waarop we naar het heiligdom kijken.
Bij ieder offer dat werd gebracht, zien we niet een wrede God die bloed wil zien.
We zien een God die tegen de mens zegt:
Dit is wat de zonde veroorzaakt. Maar Ik zal Zelf de prijs dragen om jou terug te krijgen.
Dat is Golgotha.
De wet én de genade
Wanneer we straks steeds verder het heiligdom binnengaan, komen we uiteindelijk bij de ark van het verbond.
In die ark lagen de stenen tafelen met Gods wet.
God verandert Zijn wet niet om zondaars te kunnen redden.
Goed wordt niet ineens kwaad en kwaad wordt niet ineens goed.
Maar boven de wet bevond zich iets heel bijzonders: het verzoendeksel, de plaats van genade.
Dat is geen toeval.
Gods gerechtigheid en Gods genade zijn geen tegenstanders.
Ze ontmoeten elkaar in het verlossingsplan.
Aan het kruis zien we hoe ernstig God zonde neemt.
Maar aan hetzelfde kruis zien we ook hoe onvoorstelbaar veel Hij van de zondaar houdt.
“God bewees zijn liefde voor ons doordat Christus voor ons is gestorven toen wij nog zondaars waren.” (Romeinen 5:8)
Van Eden naar de nieuwe aarde
Er loopt een prachtige lijn door de hele Bijbel.
Aan het begin woont God bij de mensen.
Dan komt de zonde en ontstaat er scheiding.
Vervolgens zegt God: “Maak voor Mij een heiligdom, zodat Ik bij hen kan wonen.”
Daarna komt Jezus.
“Het Woord werd een mens en woonde bij ons.” (Johannes 1:14)
Jezus sterft, staat op en gaat naar de hemel, waar Hij Zijn werk voor ons voortzet als onze Hogepriester.
En uiteindelijk komen we bij de laatste hoofdstukken van de Bijbel.
Johannes ziet de nieuwe aarde en hoort een luide stem:
“Kijk, Gods huis staat nu bij de mensen. Hij zal bij hen wonen. Zij zullen zijn volk zijn. En God Zelf zal bij hen zijn en hun God zijn.” (Openbaring 21:3)
Daar eindigt de weg.
Niet bij een altaar.
Niet bij een priester.
Niet bij een gordijn.
Zelfs niet bij een gebouw.
De weg eindigt bij God Zelf.
De scheiding is verdwenen.
De zonde is verdwenen.
De dood is verdwenen.
En God woont weer bij Zijn kinderen.
Precies zoals Hij het vanaf het begin bedoeld had.
Waarom deze serie?
De komende studies gaan we stap voor stap door het heiligdom lopen.
We zullen kijken naar het altaar, het lam, het bloed, het wasvat, de kandelaar, het brood, het reukwerk, de priester, het voorhangsel, de ark, Gods wet en de Grote Verzoendag.
Daarna zullen we ontdekken dat het aardse heiligdom naar een werkelijkheid in de hemel wees. We gaan onderzoeken wat Jezus daar als onze Hogepriester doet, waarom de profetieën van Daniël zo belangrijk zijn en wat het heiligdom ons leert over het oordeel en de laatste gebeurtenissen van deze wereld.
Maar probeer bij al die onderwerpen één ding niet uit het oog te verliezen:
het gaat over Jezus.
Het gaat over een God die alles heeft gedaan wat nodig was om jou weer bij Zich te kunnen brengen.
Van het offeraltaar tot het allerheiligste.
Van het kruis tot Gods troon.
Van Eden tot de nieuwe aarde.
Het hele heiligdom vertelt één groot verhaal:
God wil bij ons wonen.
En Hij heeft Zelf de weg naar huis geopend.
Om over na te denken
- Heb je het heiligdom eerder vooral gezien als een ingewikkeld onderwerp uit het Oude Testament, of als een afbeelding van het evangelie?
- Wat zegt Exodus 25:8 volgens jou over Gods verlangen om dicht bij mensen te zijn?
- Wat verandert er aan jouw beeld van God wanneer je beseft dat Hij Zelf de prijs voor onze verlossing heeft gedragen?
- Waarom denk je dat God Zijn verlossingsplan zo uitgebreid in beelden en symbolen heeft laten zien?
- Wat betekent het voor jou dat de Bijbel begint én eindigt met God die bij de mensen woont?
Gebed
Vader in de hemel, dank U dat U ons niet hebt losgelaten toen de zonde scheiding bracht tussen U en ons.
Dank U dat U Zelf een weg terug hebt gemaakt.
Dank U voor Jezus, het Lam dat voor ons gestorven is en onze Hogepriester die voor ons leeft.
Help mij om in deze studies niet alleen meer kennis te krijgen over het heiligdom, maar vooral meer te begrijpen van Uw liefde.
Laat mij zien wie U werkelijk bent en wat Jezus voor mij heeft gedaan.
Breng mij steeds dichter bij U.
Amen.
ONTHOUD DIT: Het heiligdom is Gods verlossingsplan zichtbaar gemaakt. Van het altaar tot de ark wijst alles naar Jezus en naar Gods verlangen om de scheiding tussen Hem en de mens voorgoed weg te nemen.
Volgende deel: Deel 2 – Het evangelie bestond al vóór Bethlehem
